27 AUGUSTUS 2020 – Besluit betreffende het boekhoudkundig plan en de boekhoudkundige verplichtingen van de kinderbijslagfondsen

HOOFDSTUK 1. - Verplichtingen betreffende het houden van een volledige boekhouding

Artikel 1.

Voor de toepassing van dit besluit begint het boekjaar op 1 januari en eindigt het op 31 december van elk kalenderjaar.

Art. 2.

De kinderbijslagfondsen houden hun rekeningen bij overeenkomstig een boekhoudkundig plan. Dit boekhoudkundig plan stemt wat betreft de inhoud, voorstelling en nummering overeen met het genormaliseerde minimum boekhoudplan als bijlage van dit besluit.

HOOFDSTUK 2. - Verplichtingen betreffende de inhoud van de jaarrekeningen

Art. 3.

Voor de toepassing van dit besluit is het koninklijk besluit van 29 april 2019 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen van toepassing op de kinderbijslagfondsen.

Onverminderd het eerste lid, moeten bij de gegevens die zijn opgenomen in de toelichtingen bij zowel het volledige schema van de jaarrekening, bij het verkort schema van de jaarrekening als bij het microschema van de jaarrekening, zoals respectievelijk bedoeld in de artikelen 3:82, 3:85 en 3:88 van het koninklijk besluit van 29 april 2019 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen, ook de volgende gegevens worden opgenomen:

1° het bedrag van de verschuldigde gezinsbijslag gedurende het boekjaar en het voorgaande boekjaar;

2° het bedrag van de onverschuldigde gezinsbijslag gedurende het boekjaar en het vorige boekjaar;

3° het saldo van de dubieuze debiteuren van onverschuldigde gezinsbijslag op het einde van het boekjaar en het vorige boekjaar.

HOOFDSTUK 3. - Inwerkingtreding en slotbepaling

Art. 4.

Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2020.

Art. 5.

De Leden van het Verenigd College, bevoegd voor de Gezinsbijslagen, worden belast met de uitvoering van dit besluit.

Bijlage: Rekeningstelsel

(Zie B.St. van 11-09-2020, p. 66255)

Brussel, 27 augustus 2020.