21 DECEMBER 2018 – Ordonnantie betreffende de Brusselse verzekeringsinstellingen in het domein van de gezondheidszorg en de hulp aan personen

Informele consolidatie

HOOFDSTUK 4. - Opdrachten en verplichtingen van de Brusselse verzekeringsinstellingen

Afdeling 5. - Verjaring

Art. 19.

§ 1. De uitbetaling van de tegemoetkomingen verjaart na twee jaar, te rekenen vanaf het einde van de maand gedurende dewelke het recht op de tegemoetkoming is ontstaan.

§ 2. De terugvordering van ten onrechte uitbetaalde tegemoetkomingen verjaart na twee jaar, te rekenen vanaf het einde van de maand gedurende dewelke de tegemoetkoming is uitbetaald.

In afwijking van het vorige lid wordt de termijn van twee jaar aangepast naar vijf jaar als de ten onrechte betaalde tegemoetkomingen verkregen zijn door bedrieglijk handelen of door valse of opzettelijk onvolledige verklaringen van de Brusselse verzekerde,[of van de verstrekker]1.

§ 3. Elke aanleiding tot het opleggen van een administratieve sanctie of het intrekken van een erkenning, in de zin van artikel 26, § 2 en § 3, verjaart na twee jaar, vanaf de datum waarop de betreffende aanleiding heeft plaatsgevonden.

In afwijking van het vorige lid wordt de termijn van twee jaar aangepast naar vijf jaar als de aanleiding geheel of gedeeltelijk werd veroorzaakt door een opzettelijk bedrieglijk handelen.

§ 4. Een aangetekende brief, een elektronische brief, of elke zending met vaste datum die uitdrukkelijk de betrokken tegemoetkoming of aanleiding betreft, stuit de verjaring vermeld in de paragrafen 1 tot en met 3. Het stuiten van de verjaring kan worden herhaald.

§ 5. Overmacht schorst de verjaring vermeld in de paragrafen [1 en 3]1. De vaststelling van overmacht gebeurt op de wijze vastgelegd door het Verenigd College, die hiertoe een delegatie kan verlenen aan de leidend ambtenaar, en de adjunct-leidend ambtenaar van Iriscare.

-----------

[1] <ORD 2023-11-23, art.15; Inwerkingtreding: 01/01/2024>