4 JUNI 2009- Besluit tot vaststelling van de overgangsprogrammering, alsmede de procedures voor de vergunningen en de erkenning van de voorzieningen voor ouderen

Informele consolidatie

HOOFDSTUK IV. - Voorlopige werkingsvergunning

Art. 8.

Om ontvankelijk te zijn, dient de aanvraag tot erkenning van de voorziening [van de voorziening]1vergezeld te zijn van een beschrijvend dossier. Dit dossier dient de volgende gegevens te bevatten :

1° de vergunning, bedoeld in artikel 2;

2° indien de beheerder van de voorziening een privaatrechtelijke rechtspersoon is, een afschrift van de statuten, opgesteld in het Nederlands en het Frans, indien wijzigingen eraan gebracht werden sinds het indienen van het in artikel 3 beschrijvend dossier;

3° een nota met vermelding van de naam van de beheerder en de directeur van de voorziening; dit stuk wordt door de betrokkenen ondertekend;

4° plannen van de verschillende verdiepingen, die de verschillende lokalen aanduiden, hun afmetingen en bestemmingen, alsmede, in voorkomend geval, het aantal bedden per kamer;

[5° Behalve voor de voorzieningen bedoeld in artikel 2, 4°, a) en b), bèta, van de ordonnantie, een brandveiligheidsattest A of B dat geldig is op de datum van de indiening van de erkenningsaanvraag;]19

Het attest en het verslag mogen niet ouder zijn dan zes maanden op het tijdstip van de indiening van beschrijvend dossier;

[een uittreksel uit het strafregister, zoals bedoeld in artikel 595 van het Wetboek van Strafvordering, van de beheerder en de directeur, dat niet ouder mag zijn dan één maand op het tijdstip van de indiening van het beschrijvend dossier]1;

[het leefproject van de voorziening]1, bedoeld in artikel 2, 10°, van de ordonnantie;

8° de ontwerpen van huishoudelijk reglement en van modelovereenkomst;

9° de behoorlijk ingevulde en ondertekende vragenlijst voor identificatie van de voorziening, afgegeven door [Iriscare]2;

10° een afschrift van kennisgeving van de toepassing van de werkelijke prijzen, gedaan [aan Iriscare]2;

11° [een personeelsplan om aan te tonen dat de voorziening voldoet aan de toepasselijke personeelsnormen of zich ertoe verbindt daaraan te voldoen]1.

[De in het eerste lid, 3°, 4°, 7°, 8°, 9° en 10° bedoelde documenten moeten niet opnieuw worden bezorgd als de in het eerste lid bedoelde aanvraag betrekking heeft op rust- en verzorgingstehuis- of dagverzorgingscentrabedden die in een erkend rusthuis in gebruik worden genomen, en als er sinds de indiening bij Iriscare van het beschrijvend dossier met betrekking tot de vorige aanvraag van een voorlopige werkingsvergunning of erkenning geen wijzigingen in zijn aangebracht.]2

[De ministers]3[melden]3de ontvangst van het beschrijvend dossier binnen vijftien dagen na de ontvangst ervan en [geven]3aan [of het volledig is]3of niet en, in dit geval, welke bijkomende gegevens nog dienen te worden ingediend binnen een maximum termijn van zes maanden.

[De leidend ambtenaar van Iriscare of zijn afgevaardigde is bevoegd om namens de ministers de in het vorige lid bedoelde ontvangstbevestigingen te ondertekenen.

Als de aanvraag niet binnen de in het derde lid bedoelde termijn is aangevuld, wordt ze niet ontvankelijk geacht.]17

Art. 9.

[...]18

HOOFDSTUK V. - Erkenning

Art. 10.

[Onverminderd de artikelen 7 en 18 beslissen de ministers, op advies van de beheerraad, over de aanvragen tot erkenning en stellen ze de beheerder binnen honderdtwintig dagen na ontvangst van een ontvankelijke aanvraag in de zin van artikel 8 in kennis van hun beslissing]4

Art. 11.

[...]15

Art. 12.

[...]15

Art. 13.

[...]15

Art. 14.

[...]15

Art. 14/1.

[De beheerder die wil afzien van de erkenning van een deel van zijn plaatsen brengt hiervan onmiddellijk de ministers op de hoogte, die de erkenning in overeenstemming daarmee wijzigen.

In afwijking van artikel 15/1, § 1, tweede lid, van de ordonnantie kan de beheerder die tijdelijk plaatsen sluit wegens werken, de specifieke vergunning tot ingebruikneming en exploitatie voor deze plaatsen behouden tijdens de duur van de werken en gedurende een termijn van ten hoogste twee jaar.

De in het vorige lid bedoelde termijn van twee jaar kan met instemming van de ministers worden verlengd als de beheerder aantoont dat de werken wegens overmacht niet binnen een termijn van twee jaar konden worden voltooid.]5

HOOFDSTUK VI. - [...]6overname van een erkende voorziening

Art. 15.

[...]16

Art. 16.

[...]16

Art. 17.

Bij de overname van een erkende voorziening wordt, minstens drie maanden vóór de door de contractanten voor de overname voorziene datum, samen met een in artikel 2 bedoelde aanvraag van specifieke vergunning tot ingebruikneming en exploitatie, een afschrift van de door medecontractanten gesloten overeenkomst betreffende deze overname aan de Ministers [en aan Iriscare]7toegestuurd voordat de overname uitwerking heeft. De [ouderen]8en het personeel worden, binnen dezelfde termijn, hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht.

Bij de overname van alle of gedeelte van de aandelen van een erkende voorziening wordt, minstens drie maanden vóór de door de contractanten voor deze overname voorziene datum, samen met een [in artikel 8 bedoelde]9aanvraag tot erkenning, een afschrift van de door medecontractanten gesloten overeenkomst betreffende deze overname aan de Ministers [en aan Iriscare]7toegestuurd voordat de overname uitwerking heeft. De [ouderen]8en het personeel worden, binnen dezelfde termijn, hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht.

HOOFDSTUK VII. - [Schorsing,]10Weigering en intrekking van de voorlopige werkingsvergunning of de erkenning

Art. 18.

[§ 1. Als na afloop van een controleverslag wordt vastgesteld dat een voorziening geheel of gedeeltelijk niet voldoet aan de erkenningsnormen, kan Iriscare een voorstel van weigering, intrekking of schorsing van een erkenning formuleren.

Als de in het eerste lid bedoelde vaststelling plaatsvindt tijdens de periode van de voorlopige werkingsvergunning, kan Iriscare een voorstel formuleren om de voorlopige werkingsvergunning in te trekken of te schorsen.

Wanneer Iriscare een voorstel van beslissing formuleert zoals bedoeld in het eerste of tweede lid stelt hij de beheerder daarvan in kennis.

§ 2. Iriscare vult het dossier aan met de schriftelijke opmerkingen van de beheerder, met alle verzamelde nuttige inlichtingen en documenten en met het proces-verbaal van verhoor van de beheerder.

Daartoe roept hij de beheerder op bij aangetekende brief, of per brief afgegeven tegen ontvangstbewijs, of bij elk middel waarbij een vaste datum aan de zending wordt verleend en vermeldt hij de plaats en het tijdstip van de hoorzitting. In de oproeping wordt de mogelijkheid vermeld om zich door een raadsman te laten bijstaan.

Als geweigerd wordt om te verschijnen of zich te verdedigen, wordt dat in het proces-verbaal van het verhoor opgenomen.

Iriscare stelt een verslag op dat ter advies aan de beheerraad wordt voorgelegd.

Binnen vijftien dagen na het advies van de beheerraad worden het verslag van Iriscare en het advies van de beheerraad bezorgd aan de ministers, die beslissen over het voorstel van beslissing en de beheerder van hun beslissing in kennis stellen]11.

Art. 18/1.

[Op elk ogenblik tijdens de procedure kan Iriscare beslissen het voorstel te wijzigen of van de procedure af te zien, afhankelijk van de verzamelde aanvullende elementen en de aangebrachte verduidelijkingen. Hij brengt de beheerder hiervan onmiddellijk op de hoogte.]12

Art. 18/2.

[§ 1. De duur van de schorsing van een erkenning of een voorlopige werkingsvergunning mag niet meer dan zes maanden bedragen.

§ 2. In geval van schorsing van een erkenning of een voorlopige werkingsvergunning kan de beheerder om opheffing van de schorsing verzoeken als hij van oordeel is dat de redenen die de maatregel rechtvaardigden, niet langer bestaan. Het verzoek, dat bij aangetekende brief of bij elk middel waarbij een vaste datum aan de zending wordt verleend aan Iriscare wordt toegezonden, wordt vergezeld van een verweerschrift. Er wordt onmiddellijk overgegaan tot een controle van de voorziening. De ministers nemen hun beslissing binnen dertig dagen na ontvangst van het verzoek. Als er geen beslissing wordt genomen, wordt de beslissing tot schorsing geacht te zijn opgeheven.]12

Art. 19.

[...]17

Art. 20.

[...]17

HOOFDSTUK VII/1. [Specifieke bepalingen voor voorzieningen die zonder voorlopige werkingsvergunning of erkenning werken.]12

Art. 20/1.

[Wanneer Iriscare een voorstel formuleert tot sluiting van een voorziening die zonder voorlopige werkingsvergunning of erkenning werkt, stelt hij de beheerder daarvan in kennis.

Iriscare vult het dossier aan met de schriftelijke opmerkingen van de beheerder, met alle verzamelde nuttige inlichtingen en documenten en met het proces-verbaal van verhoor van de beheerder

Daartoe roept hij de beheerder op bij aangetekende brief, of per brief afgegeven tegen ontvangstbewijs, of bij elk middel waarbij een vaste datum aan de zending wordt verleend en vermeldt hij de plaats en het tijdstip van de hoorzitting. In de oproeping wordt de mogelijkheid vermeld om zich door een raadsman te laten bijstaan.

Als geweigerd wordt om te verschijnen of zich te verdedigen, wordt dat in het proces-verbaal van het verhoor opgenomen.

Iriscare stelt een verslag op dat ter advies wordt voorgelegd aan de beheerraad.

Binnen vijftien dagen na het advies van de beheerraad worden het verslag van Iriscare en het advies van de beheerraad bezorgd aan de ministers, die beslissen over het voorstel van sluiting en de beheerder in kennis stellen van hun beslissing.]13

Art. 20/2.

[De artikelen 21 en 22 zijn van toepassing op de procedure tot sluiting van een voorziening die geëxploiteerd wordt zonder een voorlopige werkingsvergunning of een erkenning te hebben gekregen.]13

HOOFDSTUK VIII. - Sluiting

Art. 20/3.

[De in artikel 8, eerste lid, van de ordonnantie bedoelde beslissing tot sluiting wordt genomen door de ministers .]14

Art. 21.

Onverminderd [artikel 17, § 1/2]15, van de ordonnantie, heeft de beslissing van de Ministers houdende weigering of intrekking van de voorlopige werkingsvergunning of de erkenning, de sluiting van de betrokken voorziening tot gevolg [drie maanden na haar kennisgeving aan de beheerder]15.

[In afwijking van het eerste lid behouden de plaatsen waarop de beslissing tot weigering of intrekking van de bijzondere erkenning betrekking heeft hun basiserkenning en mag hun exploitatie op grond van die basiserkenning worden voortgezet als de beslissing tot weigering of intrekking enkel op een bijzondere erkenning betrekking heeft.

In het vorige lid wordt onder "bijzondere erkenning" verstaan een erkenning of een voorlopige werkingsvergunning die aan een voorziening kan worden toegekend voor plaatsen die voldoen aan specifieke erkenningsnormen voor de verzorging van sterk afhankelijke en zorgbehoevende ouderen]15

Art. 22.

De beheerder moet de bejaarden of hun vertegenwoordigers alsmede het personeel op de hoogte brengen van de ministeriële beslissing tot weigering of intrekking van voorlopige werkingsvergunning of erkenning alsmede van de gevolgen van de sluiting van de voorziening en moet op de gevel van de voorziening een bericht, conform het in bijlage IV bij dit besluit gevoegde model, zichtbaar aanplakken met de datum waarop de bejaarden de voorziening moeten hebben verlaten.

Art. 23.

[...]18

Art. 24.

§ 1. Wanneer de Ministers, om redenen van uiterst dringende noodzakelijkheid inzake volksgezondheid of veiligheid onmiddellijk de voorlopige sluiting van een voorziening bevelen, overeenkomstig artikel 17, § 2, van de ordonnantie, geven zij hiervan kennis aan de beheerder die voor de onmiddellijke evacuatie van de bejaarden moet zorgen alsmede de burgemeester en de procureur des Konings. Bovendien plakt hij zichtbaar op de gevel van de voorziening een bericht aan, conform het in bijlage V bij dit besluit gevoegde model;. in voorkomend geval, zorgt de burgemeester voor deze aanplak.

[De beheerraad wordt meteen op de hoogte gebracht van de in het eerste lid bedoelde beslissing]16.

§ 2. [Iriscare deelt de beheerder onmiddellijk mee dat hij vanaf de datum van ontvangst van de kennisgeving over een termijn van vijftien werkdagen beschikt om zijn schriftelijke opmerkingen in te dienen.

Iriscare vult het dossier aan met de schriftelijke opmerkingen van de beheerder, met alle verzamelde nuttige inlichtingen en documenten en met het proces-verbaal van verhoor van de beheerder.

Daartoe roept hij de beheerder op bij aangetekende brief, of per brief afgegeven tegen ontvangstbewijs, of bij elk middel waarbij een vaste datum aan de zending wordt verleend en vermeldt hij de plaats en het tijdstip van de hoorzitting. In de oproeping wordt de mogelijkheid vermeld om zich door een raadsman te laten bijstaan.

Als geweigerd wordt om te verschijnen of zich te verdedigen, wordt dat in het proces-verbaal van het verhoor opgenomen.

Iriscare stelt een verslag op dat ter advies aan de beheerraad wordt voorgelegd.

Binnen vijftien dagen na het advies van de beheerraad worden het verslag van Iriscare en het advies van de beheerraad bezorgd aan de ministers, die beslissen over de definitieve sluiting van de voorziening en de beheerder van hun beslissing in kennis stellen]16.

Art. 25.

Indien de beheerder van een voorziening de vrijwillige sluiting beslist van de voorziening, wordt deze beslissing meegedeeld aan de Ministers [zes maanden]20 vóór zij uitwerking heeft.

Een afschrift van deze beslissing wordt binnen dezelfde termijn aan de [ouderen]8en aan het personeel toegestuurd.