23 MAART 2017 – Ordonnantie houdende de oprichting van de bicommunautaire Dienst voor Gezondheid, Bijstand aan Personen en Gezinsbijslag
HOOFDSTUK IV. - Beheer van de dienst
Afdeling 5. - De Beheerraad voor Gezondheid en Bijstand aan Personen en de technische commissies
Onderafdeling 2. - De technische commissies
Art. 23/1.
[De Beheerraad voor Gezondheid en Bijstand aan Personen richt expertencommissies op om technische vragen te onderzoeken met betrekking tot de mobiliteitshulpmiddelen en de individuele hulpmiddelen voor personen met een handicap.
De Beheerraad voor Gezondheid en Bijstand aan Personen vaardigt de nadere regels uit van de organisatie van de expertencommissies die het opricht.
De expertencommissies verstrekken technische adviezen aan, al naargelang, de paritaire of adviserende commissie "Personen met een handicap", de Beheerraad voor Gezondheid en Bijstand aan Personen, of het Multidisciplinair College.]1
Art. 25.
[§ 1. De paritaire Commissie "Revalidatie en Geestelijke gezondheidszorg" verzorgt het beheer en neemt deel aan de ontwikkeling van het beleid, meer bepaald in de volgende aangelegenheden:
2° de revalidatie, met uitzondering van de overeenkomsten 790 met betrekking tot de multidisciplinaire evaluatie in het kader van de nomenclatuur van de mobiliteitshulpmiddelen.]2.
Art. 27.
[De paritaire Commissie "Personen met een handicap" verzorgt het beheer en neemt deel aan de ontwikkeling van het beleid, meer bepaald in de volgende aangelegenheden:
3° mobiliteitshulpmiddelen, met inbegrip van de overeenkomsten 790 met betrekking tot de multidisciplinaire evaluatie in het kader van de nomenclatuur van de mobiliteitshulpmiddelen;]3.
Art. 27/0/1.
[§ 1. De adviserende Commissie "Personen met een handicap" verstrekt adviezen, onder meer inzake dossiers in verband met de vergunningen en erkenningen van instellingen en diensten voor personen met een handicap.
§ 2. Ze bestaat uit:
1° de representatieve organisaties van de verstrekkers van de sector, bedoeld in artikel 27, § 2, 1°, die hun vertegenwoordigers zullen aanwijzen;
2° de verzekeringsinstellingen, bedoeld in artikel 27, § 2, 2°, die hun vertegenwoordigers zullen aanwijzen;
3° vakbonden van het personeel van de betrokken instellingen en diensten, die hun vertegenwoordigers zullen aanwijzen;
4° representatieve verenigingen voor personen met een handicap, die hun vertegenwoordigers zullen aanwijzen.]4