28 JANUARI 2021 – Besluit tot uitvoering van de ordonnantie van 10 december 2020 betreffende de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden

Informele consolidatie

HOOFDSTUK XI. - BETALINGSMODALITEITEN EN -VOORWAARDEN

Art. 44.

Artikel 43 is van overeenkomstige toepassing op de betaling van de tegemoetkoming tijdens de overgangsfase, zoals bedoeld in artikel 22 van de ordonnantie.

HOOFDSTUK XIV. - OVERGANGSMAATREGELEN EN INWERKINGTREDING

Art. 55.

§ 1. In afwijking van [de artikelen]1 2 en 3, gebeurt de [vaststelling]1 van de graad van verminderde zelfredzaamheid, in een overgangsfase, door de artsen of de multidisciplinaire teams die voor de inwerkingtreding van de ordonnantie voor rekening van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie voor deze [vaststelling]1 instonden en volgens de nadere regels, zoals bepaald in de samenwerkingsovereenkomsten tussen de Federale Staat en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van Brussel-Hoofdstad of tussen de Federale overheidsdienst Sociale Zekerheid en de Dienst. De [vaststelling]1 gebeurt aan de hand van de handleiding gevoegd bij het ministerieel besluit van 30 juli 1987 tot vaststelling van de categorieën en van de handleiding voor de [vaststelling]1 van de graad van zelfredzaamheid met het oog op het onderzoek naar het recht op de integratietegemoetkoming. Deze handleiding houdt rekening met de volgende factoren:

1° verplaatsingsmogelijkheden;

2° mogelijkheden om zijn voedsel te nuttigen of te bereiden;

3° mogelijkheid om voor zijn persoonlijke hygiëne in te staan en zich te kleden;

4° mogelijkheid om zijn woning te onderhouden en huishoudelijk werk te verrichten;

5° mogelijkheid om te leven zonder toezicht, bewust te zijn van gevaar en gevaar te kunnen vermijden;

6° mogelijkheid tot communicatie en sociaal contact.

§ 2. Voor ieder van de in § 1 vermelde factoren wordt als volgt een aantal punten toegekend naargelang de graad van verminderde zelfredzaamheid van de begunstigde:

1° geen moeilijkheden, geen bijzondere inspanning en geen bijzondere hulpmiddelen: 0 punten;

2° beperkte moeilijkheden of beperkte bijkomende inspanning of beperkt beroep op bijzondere hulpmiddelen: 1 punt;

3° grote moeilijkheden of een grote bijkomende inspanning of uitgebreid beroep op bijzondere hulpmiddelen: 2 punten;

4° onmogelijk zonder hulp van derden, zonder opvang in een aangepaste voorziening of zonder volledig aangepaste omgeving: 3 punten.

De toegekende punten worden samengeteld en [naargelang]1 dit totaal behoort de begunstigde tot een van de in artikel 8 van de ordonnantie vermelde categorieën.

§ 3. De overgangsfase, zoals bedoeld in § 1, neemt een aanvang op 1 januari 2021 en wordt ten laatste beëindigd:

1° op 1 januari 2022 voor de evaluatie van de graad van verminderde zelfredzaamheid naar aanleiding van een aanvraag, zoals bedoeld in artikel 25;

2° op 1 januari 2024 voor de evaluatie van de graad van zelfredzaamheid naar aanleiding van een aanvraag tot herziening, zoals bedoeld in artikel 38, of een ambtshalve herziening, zoals bedoeld in de artikelen 39 en 40.