10 DECEMBER 2020 – Ordonnantie betreffende de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden
HOOFDSTUK XI. - Verzamelen en verwerken van persoonsgegevens
Art. 21.
§ 1. De persoonsgegevens worden enkel verwerkt om deze ordonnantie en de uitvoeringsbesluiten ervan toe te passen. De Dienst is de verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 4.7) van de verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van richtlijn 95/46/EG.
§ 2. De Dienst verwerkt de volgende categorieën van persoonsgegevens over de begunstigde :
1° de identificatie- en contactgegevens van de begunstigde ;
2° de leeftijd van de begunstigde ;
3° de samenstelling van het huishouden van de begunstigde ;
4° de gegevens over de gezondheid van de begunstigde ;
5° de gegevens over het inkomen, met inbegrip van de gegevens betreffende roerende en onroerende goederen, van de begunstigde ;
6° de gegevens over de opsluiting of opname van de begunstigde.
De Dienst verwerkt de volgende categorieën van persoonsgegevens over de persoon met wie de begunstigde een huishouden vormt :
1° de identificatie- en contactgegevens van de persoon met wie de begunstigde een huishouden vormt ;
2° de gegevens over het inkomen, met inbegrip van de gegevens betreffende roerende en onroerende goederen, van de persoon met wie de begunstigde een huishouden vormt ;
3° de gegevens over de opsluiting of opname van de persoon met wie de begunstigde een huishouden vormt.
De verwerking van de bijzondere categorieën van persoonsgegevens, zoals bedoeld in dit artikel, is gebaseerd op artikel 9, tweede lid, g), van de verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG.
§ 3. De gegevens van de dossiers betreffende de aanvragen voor tegemoetkomingen die niet tot ten minste één betaling hebben geleid, moeten, voor zover de verjaring, zoals bedoeld in artikel 18, eerste lid, niet werd gestuit, drie jaar worden bewaard vanaf de datum van de ontvangst van de aanvraag.
Als ontvangstdatum wordt beschouwd de datum waarop de aanvraag door de Dienst voor ontvangst wordt afgestempeld of de datum waarop de Dienst de aanvraag door middel van de voor de indiening ervan gecreëerde informaticatoepassing heeft ontvangen.
De gegevens van de afgesloten dossiers betreffende aanvragen voor tegemoetkomingen die tot ten minste één betaling hebben geleid, de gegevens in de openstaande dossiers en de boekhoudkundige en daarmee gelijkgestelde stukken moeten, voor zover de verjaring, zoals bedoeld in artikel 18, vierde lid, niet werd gestuit, vijf jaar worden bewaard, te rekenen vanaf de datum waarop de laatste betaling is geschied.
Indien het papieren documenten betreft, kunnen de gegevens zoals bedoeld in het eerste en het derde lid elektronisch bewaard worden.
Het Verenigd College kan de bewijswaarde regelen van de gegevens die elektronisch bewaard worden, zoals bedoeld in het vierde lid.